Skip to Content

De actieve motorkap voor externe zwakke weggebruikers

In het artikel "Voetgangers steeds beter beschermd bij aanrijding" van 02/06/10 staat het volgende te lezen: “Zo heeft de BMW een speciale motorkap die omhoog gaat wanneer er een voetganger of fietser op knalt bij een aanrijding”. Elke automobilist heeft er ongetwijfeld last van, vooral in de lente: naast lastige insecten die je voorruit komen bevuilen, zijn er fietsers en voetgangers die zo nu en dan tegen je auto opknallen.

 

Ondertussen vindt iedereen het doodnormaal dat verkeersongevallen passief omschreven worden: de voetganger of fietser werd in de flank gegrepen, opgeschept of weggeslingerd, of sterker nog “kwam onder de wielen terecht”. Nooit grijpt, schept of slingert een voertuig de voetganger of fietser (laat staan dat de bestuurder ervan iemand zou overrijden). Met dit persbericht gaat Touring nog een stukje verder: nu is het de fietser of voetganger die actief op de auto “knalt”. Gelukkig zijn de constructeurs zo goedhartig om daar rekening mee te houden…

 

In het persbericht wordt ook een nieuwe term ingevoerd: de “externe zwakke weggebruiker”. Dat doet je afvragen: wie is dan de interne zwakke weggebruiker? Beschouwt de automobielvereniging nu ook chauffeurs als zwakke weggebruikers of verwijzen ze hiermee naar de kinderen in de wagen? Of kun je een interne zwakke weggebruiker externaliseren, als die zijn gordel niet aanheeft? Persoonlijk krijg ik de kriebels van de term ‘zwakke weggebruiker’. Verkeersfilosoof Kris Peeters spreekt liever over ‘verzwakte weggebruikers’ (ten opzichte van de automobilisten). Uiteindelijk zijn we allemaal weggebruikers die dezelfde rechten en plichten hebben, de ene is gewoon wat zachter dan de andere en daar gaat een speciale ‘actieve’ motorkap niets aan veranderen.

 

De berichtgeving op de Euro NCAP-site is stukken objectiever: hier is geen sprake van een voetganger die tegen een auto gaat opknallen, hij wordt nog (passief) aangereden. Uit de cijfers merk je ook meteen dat die bescherming maar relatief is ten opzichte van de inzittenden in de auto. En toch kan ook hier het sensibiliseren van de automobilist stukken beter: in plaats van een percentage ‘bescherming’ zou het aangeven van de kans op zware verwondingen of overlijden van voetgangers bij verschillende snelheden bestuurders beter responsabiliseren. Steeds betere bescherming voor de inzittenden en een schijnveiligheid voor de “externe zwakke weggebruiker” geeft een automobilist vrijgeleide om niet meer stil te staan bij de gevolgen van zijn of haar rijgedrag.